Als ik het juist heb gerekend dan is dit de tiende keer dat de titel Heilig Gif is gebruikt. Tien keer een mysterieuze titel. Tien keer een bittere boodschap. Tien keer een herinnering aan mijn tante Carla.
Het begon ooit als een herinnering aan haar. Mijn laatste ontmoeting terwijl de kanker en chemo haar wegvraten en van de sterke, creatieve en onafhankelijke vrouw een schim hadden gemaakt. Hoe mijn broertje voor haar laatste columns naast haar zat omdat haar vingers te dik waren om die nog te schrijven.
De spijt die ik voelde dat er geen tijd meer was. Dat ik daarvoor al niet genoeg tijd genomen had. Er zijn dingen die je kunt zien aankomen. Er zijn punten in je agenda waar je op voorbereid kunt zijn. Maar zelden of nooit staat de dood van iemand bij een datum geschreven. De tijd van iemand is op zonder aankondiging.
Mijn eerste begrafenis deed mij niet zo veel. Het was van mijn oma. Ik was nog jong en zij was oud. Oude mensen gaan dood. Bovendien is het lang geleden. Te lang om werkelijk bij stil te staan. Sindsdien heb ik meerdere begrafenissen en crematies meegemaakt. Sommige ook van oude mensen. Maar hoewel oud stonden ze niet in mijn agenda. Ineens was de tijd op. De deur gesloten. De sluier neergedaald en waren ze weg.
Mijn opa's. De schrijver en vader van mijn tante Carla. Ik heb hem slecht gekend. En dat vind ik achteraf jammer. Mijn andere opa uit Vlissingen kende ik beter. We hadden een warme band en zijn dood kwam als een schok. Maar bij beiden heb ik niet alleen het gemis van een verleden. Maar ik mis ze vooral in het heden. Zelfs nu, twaalf en elf jaar later, vraag ik me af en toe nog af: waarom bellen ze niet? Zal ik eens een keer bellen?
Om dan meteen met de voeten op de grond te worden gezet: natuurlijk bellen ze niet! En ik kan hen ook niet bellen. Ze zijn onbereikbaar. Mijn te jong gestorven tante is onbereikbaar. Hen bereiken is een macabere droom. Een vluchtige en in een zucht geprevelde wens. Een antwoord op de vragen die Pickwick tegenwoordig op zijn theezakjes zet: "Met wie zou je nog eens een keer een kopje thee willen drinken?”
Maar herinneringen vervagen doorheen de jaren. Nieuwe worden gemaakt. Met de levenden. De belangrijkste herinneringen aan zij die zijn heengegaan blijven als trofeeën over. We zien ze glanzen onder het stof en doen ze af en toe oppoetsen. Even laten glanzen alvorens ze de kast weer in gaan om te verstoffen.
Daarom schreef ik elk jaar een stukje Heilig Gif. Het heeft vele versies gekend. Het stond hier, het stond in de krant. Het is op de radio geweest. En nu eindigt het weer hier.
Heilig Gif was een van de laatste columns van mijn tante. Hoe ze haast religieus de chemokuur haalde. Hoe ze naar het ziekenhuis ging met andere mensen en hoe ze een infuus kregen. Een infuus met gif in de hoop dat een groter kwaad bestreden kon worden. In dat bewuste stukje verhaalde ze over een koppel dat naast haar zat en waarvan de man ook zijn chemo kwam halen. Dit koppel kwam uit Werkendam en zou dus gelovig moeten zijn.
De column eindigde dan ook met de discussie of mijn tante ze een zalig of gelukkig kerstfeest had moeten wensen.
Zalig of gelukkig: het werd de laatste kerst van mijn tante. Het gif dat ze binnen kreeg was niet heilig, het was vernietigend. De tactiek van de verschroeide aarde viel niet alleen de kanker aan, maar zette ook haar immuunsysteem buitenspel. Op een kille dag in januari moest ze gaan en was haar tijd op.
En de tijd van Heilig Gif ook. Na jaren leg ik de herinnering aan mijn tante te ruste. Tien keer heeft het de titel van een geschrift mogen dragen. Ik gebruikte het omdat de titel niet alleen indrukwekkend klonk, maar ook omdat de oorspronkelijke krantencolumn die eronder stond alles zei en alles was wat mijn tante was; schurend, sarcastisch, ironisch en open over haar ziekte. Maar ook hoe ze onder haar ongelovigheid en atheïsme probeerde mee te denken met haar gelovige medemens. Zoals de vraag of het zalig of gelukkig kerstfeest moest zijn.
Ik plaats haar trofee terug in de kast. Haar herinnering mag nu een eigen leven gaan leiden. En wie weet belt ze nog wel een keer.
Iedereen een zalig of gelukkig kerstfeest. En een goede jaarwisseling.