De feestdagen naderen weer met rasse schreden. Sint ligt net achter ons en als door een wonder zijn alle spullen die aan de Goedheiligman werden toegeschreven verdwenen. De discussie over de kleur roet van zijn helper is samen met hem uit de wereld, naar Spanje, vertrokken. Daarvoor in de plaats zijn kerstliedjes, feeststollen, kerstbomen, kerstballen en rendieren gekomen. Er is nog weinig over van het feest dat de komst van de Heiland moet vieren. Het is verworden tot een vreetfeest, de hoogmis van het hedonisme. Vooral als ik de reclames moet geloven is er niets anders te doen dan eten, cadeautjes en flink drinken.
Dat onder de mom van gezelligheid. Het is de tijd van het jaar dat wij in het westen worden opgeroepen om vooral even de problemen op de wereld te vergeten. Om onze zegeningen niet alleen te tellen maar ook uit te voeren. Maar zelfs hier in het westen zijn er mensen die hier niet aan mee kunnen doen. Ik noem deze column “Heilig Gif 3” de derde column met die titel. De vorige schreef ik een jaar geleden. De eerste is niet door mij geschreven maar door mijn aan kanker lijdende tante. Zij doelde met heilig gif op de chemokuur die zij slaafs moest halen in de hoop de kanker te kunnen overwinnen. Een overwinning die nodig was voor haar overleven. Het was echter een ongelijke strijd. Terwijl de wereld, drie jaar geleden in de kerstroes verkeerde die de media ons nog altijd wil opdringen lag zij in het ziekenhuis. Niemand had durven vermoeden dat het haar laatste kerst zou zijn.
Een kerst die ze moest vieren zonder de gourmetstellen en cadeautjes onder de boom. De volgende dag, de tweede kerstdag, ben ik haar wezen bezoeken. Een bezoek waar ik blij mee ben geweest. Maar waar ik toen van schrok. Mijn tante was mijn tante niet meer. En terwijl de fata morgana’s van de grootgrutters aan mij voorbij trekken, de winkels gloria uitroepen vanwege de verhoogde uitgaven van het volk denk ik soms aan mijn tante. En niet alleen aan mijn tante. Aan de vele mensen die niet thuis kunnen zijn met kerst. Voor wie de façade van cadeautjes een ver vervlogen droom is. De oude mensen in verpleeghuizen die smachten naar een bezoek van een geliefde. De stervende patiënt met een slopende ziekte die zich gelukkig prijst als hij of zij het nieuwe jaar zal halen.
Maar ook aan zij die van huis zijn en geen kerst kunnen vieren. Het respect dat ik op kan brengen voor de mensen die juist aan het werk gaan in die verpleeghuizen is grenzenloos. Voor het verplegend personeel en de artsen die proberen om in deze tijd waarin geluk en vrede hoogtij zou moeten vieren een leven proberen te redden. De agenten die de vrede proberen te bewaren. Net als de militairen die op uitzending zijn. Een paar jaar geleden was mijn broertje ook op uitzending. Hij bewaakte onze vrede, democratie en veiligheid in een vreemd land. Ook hij was er niet met de kerst terwijl wij, de achterblijvers, het toepasselijk genoemde “Thuisfront” waren. Zijn gemis was pijnlijk duidelijk. En dat is mijn kerstgedachte. Denken aan zij die ergens anders zijn. Waar dan ook.